Introductie in de Abhidhamma: verschil tussen versies

5.789 bytes verwijderd ,  17 dec 2025 04:41
Geen bewerkingssamenvatting
 
(2 tussenliggende versies door dezelfde gebruiker niet weergegeven)
Regel 7: Regel 7:
[[Bestand:Abhidhamma.jpeg|350px|thumb|Compendium van de Abhidhamma]]
[[Bestand:Abhidhamma.jpeg|350px|thumb|Compendium van de Abhidhamma]]
[[Bestand:Tipitaka1.jpg|350px|thumb|Standaardeditie van de Thaise Pali-canon]]
[[Bestand:Tipitaka1.jpg|350px|thumb|Standaardeditie van de Thaise Pali-canon]]
{{Poster meditatie}}
{{boeddhisme}}
{{boeddhisme}}
De kern van deze samenvatting is een middeleeuws compendium van [[boeddhisme|Boeddhistische]] filosofie getiteld de [[Abhidhamma|Abhidhammattha Sangaha]]. Dit werk wordt toegeschreven aan Acariya Anuruddha, een Boeddhistische hooggeleerde waar zo weinig over bekend is dat zelfs zijn geboorteland en de eeuw waarin hij leefde een vraag blijven. Maar ondanks de onduidelijkheid rondom de auteur, is zijn kleine handboek een van de meest belangrijke en invloedrijke tekstboeken van het [[Theravada]] Boeddhisme geworden. In negen korte hoofdstukken, samen ongeveer vijftig pagina’s aan geprinte tekst, geeft de auteur een meesterlijke samenvatting van die diepzinnige Boeddhistische leer die men '''Abhidhamma''' noemt. Zo groot is zijn kunde in het vastleggen van de essentie van dat systeem, en in het ordenen er van in een formaat geschikt voor gemakkelijk begrip, dat dit werk in Theravada Boeddhistische landen in Zuid en Zuidoost Azië de standaard introductie voor het bestuderen van de Abhidhamma is geworden. In deze landen, met name in Birma waar de studie van Abhidhamma het meest volhardend wordt bedreven, wordt de Abhidhammattha Sangaha gezien als een onmisbare sleutel tot de grote schatkist van Boeddhistische wijsheid.
De kern van deze samenvatting is een middeleeuws compendium van [[boeddhisme|Boeddhistische]] filosofie getiteld de [[Abhidhamma|Abhidhammattha Sangaha]]. Dit werk wordt toegeschreven aan Acariya Anuruddha, een Boeddhistische hooggeleerde waar zo weinig over bekend is dat zelfs zijn geboorteland en de eeuw waarin hij leefde een vraag blijven. Maar ondanks de onduidelijkheid rondom de auteur, is zijn kleine handboek een van de meest belangrijke en invloedrijke tekstboeken van het [[Theravada]] Boeddhisme geworden. In negen korte hoofdstukken, samen ongeveer vijftig pagina’s aan geprinte tekst, geeft de auteur een meesterlijke samenvatting van die diepzinnige Boeddhistische leer die men '''Abhidhamma''' noemt. Zo groot is zijn kunde in het vastleggen van de essentie van dat systeem, en in het ordenen er van in een formaat geschikt voor gemakkelijk begrip, dat dit werk in Theravada Boeddhistische landen in Zuid en Zuidoost Azië de standaard introductie voor het bestuderen van de Abhidhamma is geworden. In deze landen, met name in Birma waar de studie van Abhidhamma het meest volhardend wordt bedreven, wordt de Abhidhammattha Sangaha gezien als een onmisbare sleutel tot de grote schatkist van Boeddhistische wijsheid.
Regel 64: Regel 63:


De laatste vernieuwing van de Abhidhamma methode die hier genoemd zal worden – een bijdrage van het laatste boek van de Pitaka, de Patthana – is een set van vierentwintig conditionele relaties, vastgelegd met het doel te laten zien hoe de ultieme realiteiten tot ordelijke processen gesmeed kunnen worden. Dit schema van condities brengt de nodige aanvulling op de analytische aanpak die in de eerdere boeken van de Abhidhamma overheerst. De methode van analyse gaat te werk door ogenschijnlijk gehelen in hun bestanddelen te ontleden, waardoor hun leegheid van een ondeelbare kern, die als zelf of substantie gekwalificeerd  zou kunnen worden, wordt blootgelegd. De synthetische methode brengt de conditionele relaties tussen de naakte fenomenen verkregen door de analyse in kaart om te laten zien dat deze niet geïsoleerde op zichzelf staande eenheden vormen, maar knooppunten zijn in een uitgestrekt meerlagig web van onderling-gerelateerde, onderling-afhankelijke gebeurtenissen. Samen genomen bekrachtigen de analytische methode van de eerdere werken van de Abhidhamma Pitaka en de synthetische methode van de Patthana de wezenlijke eenheid van de twee filosofische principes van het Boeddhisme, niet-zelf of egoloosheid (anatta) en afhankelijk verschijnen  of conditionaliteit (paticca samuppada). Zo blijft het fundament van de Abhidhamma methodologie in perfecte harmonie met de inzichten die ten grondslag liggen aan het hart van de gehele Dhamma.
De laatste vernieuwing van de Abhidhamma methode die hier genoemd zal worden – een bijdrage van het laatste boek van de Pitaka, de Patthana – is een set van vierentwintig conditionele relaties, vastgelegd met het doel te laten zien hoe de ultieme realiteiten tot ordelijke processen gesmeed kunnen worden. Dit schema van condities brengt de nodige aanvulling op de analytische aanpak die in de eerdere boeken van de Abhidhamma overheerst. De methode van analyse gaat te werk door ogenschijnlijk gehelen in hun bestanddelen te ontleden, waardoor hun leegheid van een ondeelbare kern, die als zelf of substantie gekwalificeerd  zou kunnen worden, wordt blootgelegd. De synthetische methode brengt de conditionele relaties tussen de naakte fenomenen verkregen door de analyse in kaart om te laten zien dat deze niet geïsoleerde op zichzelf staande eenheden vormen, maar knooppunten zijn in een uitgestrekt meerlagig web van onderling-gerelateerde, onderling-afhankelijke gebeurtenissen. Samen genomen bekrachtigen de analytische methode van de eerdere werken van de Abhidhamma Pitaka en de synthetische methode van de Patthana de wezenlijke eenheid van de twee filosofische principes van het Boeddhisme, niet-zelf of egoloosheid (anatta) en afhankelijk verschijnen  of conditionaliteit (paticca samuppada). Zo blijft het fundament van de Abhidhamma methodologie in perfecte harmonie met de inzichten die ten grondslag liggen aan het hart van de gehele Dhamma.
==Oorsprong van de Abhidhamma==
Hoewel moderne kritische geleerdheid probeert de formatie van de Abhidhamma uit te leggen door middel van een gradueel evolutionair proces, schrijft het orthodoxe Theravada het ontstaan ervan aan de Boeddha zelf toe. Volgens het Grote Commentaar (maha-atthakatha) zoals geciteerd door Acariya Buddhaghosa, “Wat bekend is als Abhidhamma is niet het gebied nog de sfeer van een discipel; het is het gebied, de sfeer van de Boeddha’s.” De commentariële traditie is bovendien van mening dat het niet alleen de geest van de Abhidhamma was, maar ook het letterlijke, dat al door de Boeddha gedurende zijn leven gerealiseerd en uiteengezet werd.
De Atthasalini vertelt dat in de vierde week na de verlichting, terwijl de Gezegende nog steeds in de omgeving van de Bodhi Boom verbleef, hij in een juwelen huis (ratanaghara) in noordwestelijke richting zat. Dit juwelen huis was niet letterlijk een huis wat gemaakt was van waardevolle stenen, maar was een plaats waar hij de zeven boeken van de Abhidhamma Pitaka overpeinsde. Hij overpeinsde hun inhoud stuk voor stuk, beginnend met de Dhammasangani, maar terwijl hij de eerste zes boeken onderzocht straalde zijn lichaam nog niet. Echter, toen hij bij de Patthana kwam, toen “hij de vierentwintig universele conditionele relaties van wortel, object, en zo voort begon te overpeinzen, vond zijn alwetendheid zeker de mogelijkheden daarin. Want, zoals de grote vis Timiratipingala alleen de ruimte vindt in de grote oceaan van 84,000 yojanas diep, zo vindt zijn alwetendheid waarachtig alleen de ruimte in het Grote Boek. Stralen van zes kleuren – indigo, goud, rood, wit, taankleurig, en oogverblindend – kwamen voort uit het lichaam van de Leraar, terwijl hij de subtiele en diepzinnige Dhamma met zijn alwetendheid, die deze mogelijkheid had gevonden, overpeinsde.”
Het orthodoxe Theravada betoogt zo dat de Abhihdamma Pitaka het authentieke Woord van de Boeddha is, op dit punt verschillend van een vroege rivaliserende school, de Sarvastivadins. Deze school had ook een Abhidhamma Pitaka bestaande uit zeven boeken, aanzienlijk verschillend in detail van de Theravada verhandelingen. Volgens de Sarvastivadins zijn de boeken van de Abhidhamma Pitaka samengesteld door discipelen, waarbij meerdere zijn toegeschreven aan auteurs die generaties na de Boeddha leefden. De Theravada school, echter, is van mening dat de Boeddha zelf de boeken van de Abhidhamma uiteen heeft gezet, behalve de gedetailleerde weerlegging van afwijkende zienswijzen in de Kathavatthu, welk het werk is van de Eerwaarde Moggaliputta Tissa gedurende de heerschappij van Koning [[Asoka]].
De Pali Commentaren, zich schijnbaar baserend op een oude mondelinge traditie, betogen dat de Boeddha de Abhidhamma uiteen heeft gezet, niet in de menselijke wereld aan zijn menselijke discipelen, maar aan een bijeenkomst van deva’s of goden in de Tavitamsa hemel. Volgens deze traditie, steeg de Boeddha net voor het begin van zijn zevende jaarlijkse regenretraite op naar de Tavitamsa hemel en daar, zittend op de Pandukambala steen aan de voet van de Paricchattaka boom, onderwees hij gedurende de drie maanden van de regenretraite de Abhidhamma aan de deva’s die zich daar bijeen hadden verzameld vanuit de tienduizend wereldsystemen. Hij maakte de hoofd ontvanger van deze leer zijn moeder, Mahamaya-devi, die was wedergeboren als een deva. De reden dat de Boeddha de Abhidhamma in de deva wereld onderwees in plaats van de menselijke wereld is, zo wordt gezegd, omdat om een volledig beeld van de Abhidhamma te kunnen geven, deze in één aaneengesloten sessie voor één en hetzelfde publiek uiteengezet moet worden. Omdat de volledige uiteenzetting van de Abhidhamma drie maanden duurt, kunnen alleen deva’s en Brahma’s het onderwijs in ononderbroken continuïteit krijgen, want alleen zij kunnen gedurende zo een lange tijd in dezelfde houding blijven zitten.
Echter keerde de Boeddha elke dag, om zijn lichaam te onderhouden, terug naar de menselijke wereld om daar op aalmoesronde te gaan in het noordelijke deel van Uttarakuru. Na aalmoesvoedsel gekregen te hebben ging hij naar de kust van het Anotatta Meer om zijn maaltijd te nuttigen. De Eerwaarde Sariputta, de maarschalk van de Dhamma, ontmoette de Boeddha daar en kreeg een samenvatting van de leer die op die dag in de deva wereld was gegeven: “Toen dan gaf de Leraar aan hem de methode, zeggend, ‘Sariputta, zoveel Leer is getoond.’ Zo werd de methode gegeven aan de hoofd discipel, die begiftigd was met analytische kennis, alsof de Boeddha op de rand van de kust stond en de oceaan met zijn open hand aanwees. Voor de Eerwaarde werd ook de door de Gezegende op honderden en duizenden manieren onderwezen leer, heel duidelijk.”
Nadat Sariputta de  Dhamma geleerd had, zoals aan hem door de Boeddha onderwezen was, onderwees Sariputta hem op zijn beurt aan zijn eigen kring van 500 leerlingen, en zodoende werd de tekstuele versie van de Abhidhamma Pitaka gevormd. Aan de Eerwaarde Sariputta wordt zowel de tekstuele volgorde van de Abhidhamma verhandelingen als ook de numerieke series in de Patthana toegeschreven. Misschien moeten we in deze erkenning van de Atthasalini de impliciete toekenning zien, dat terwijl de filosofische visie van de Abhidhamma en de basis architectuur afstammen van de Boeddha, het eigenlijke uitwerken van de details, en misschien zelfs de prototypen van de teksten zelf, toegeschreven moeten worden aan de grote Hoofd Discipel en zijn entourage aan studenten. In andere vroeg Boeddhistische scholen wordt de Abhidhamma ook in nauw verband gebracht met de Eerwaarde Sariputta, die in sommige tradities wordt gezien als de literaire auteur van de verhandelingen van de Abhidhamma.


==De Zeven Boeken==
==De Zeven Boeken==
Regel 166: Regel 151:


* Herman Schreuder
* Herman Schreuder
==Zie ook==
* [[Abhidhamma]]


[[Categorie: Boeddhisme]]
[[Categorie: Boeddhisme]]
[[categorie: soetra's]]