"1100px
Banner-wiki-2.png

Rupa-Kalapa en Samadhi

Uit Dharma-Lotus
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Er is een gezegde binnen de Kum-nye: "Beschrijven wat de Kum-nye is, is al geen Kum-nye meer". De Kum-nye maakt een duidelijk onderscheidt tussen dingen (Rũpa-Kalãpa) en processen (Samãdhi). En daar waar de Kum-nye zich richt op de processen, is het beschrijven van diezelfde Kum-nye een ding.

Rũpa-Kalãpa (dingen)

Rũpa-Kalãpa is een term uit het Sanskriet en bestaat uit 2 delen;

Rũpa

Rũpa verwijst naar het immateriële wat wel vorm heeft, zoals regels, conditioneringen, dogma's, structuren, volgordes en verplichtingen. Deze zijn duidelijk aantoonbaar, aanwijsbaar, benoembaar en definieerbaar. Net als materie zijn ook dogma's gekaderd en samengesteld.

Kalãpa

Kalãpa is de materie, ook al is het slechts 1 atoom groot. Het is aantoonbaar, aanwijsbaar, benoembaar en definieerbaar. Zodoende is het gekaderd. De meeste dingen bestaan uit meer dan 1 atoom en zijn zodoende samengesteld en daarom heeft het geen eigen waarheid Dharma meer.

Voorbeeld 1:
Een theelepeltje bijvoorbeeld bestaat nooit uit 1 metaalsoort maar uit een legering van meerdere metalen. Zouden we het theelepeltje willen omsmelten dan zouden we zien dat het ene metaalsoort een ander smeltpunt heeft dan het andere metaalsoort. Het is dus niet te zeggen wat het smeltpunt van het theelepeltje is, het heeft meerdere smeltpunten en het heeft dus op het gebied van het smeltpunt meerdere waarheden.

Doordat Kalãpa's altijd samengesteld zijn herbergt een ding ook altijd meerdere waarheden en deze kunnen voor onbalans zorgen.

Voorbeeld 2:
Een boom die in de felle zon staat op een hele hete dag zal met zichzelf in conflict komen doordat er meerdere waarheden met elkaar botsen. De bladeren van de boom willen namelijk veel vocht ontvangen om zo te kunnen verdampen. Zou dat niet gebeuren dan zouden de bladeren verbranden in de zon. Het wortelgestel van dezelfde boom zal echter spaarzaam met het opzuigen van het water willen omspringen, wetende dat het grondwaterpeil heel laag is. In dezelfde boom zijn nu 2 waarheden die met elkaar botsen.

spirituele correctheid

Ook een handeling is Rũpa-Kalãpa en elke handeling komt voort uit een intentie (wat in principe Samãdhi is). Deze intentie is veel belangrijker dan de handeling die er uit voortkomt. Is de intentie zuiver, dan is de handeling zuiver. Is de intentie onzuiver (ingegeven vanuit begeerte dan wel aversie) dan kan de handeling soms overkomen als zuiver, maar dan is dat altijd een toevalligheid. Zo kan ik een handeling doen met als intentie eigenbelang (= begeerte). De handeling heeft een positieve uitkomst voor mijzelf en wellicht ook voor jou. Dan kan jij dat zien als een zuivere handeling, maar dat jij mee profiteert was niet mijn intentie. Het komt toevallig zo uit.

Een handeling is vorm dus Rũpa-Kalãpa en de intentie (in principe) Samãdhi. Bij een handeling ga je iets doen, maar ook iets bewust níet doen wordt gezien als een handeling en heeft een intentie in zich. Het níet doen van een handeling wordt een 'onthouding (Virati)' genoemd en er zijn 3 verschillende vormen van onthoudingen te herkennen aan de intenties die erachter liggen:

onthouding door het opnemen van leefregels (samãdãnavirati)

Een handeling níet doen omdat het volgens de regels niet mag. Hier is dus de handeling (die niet gedaan wordt) Rũpa-Kalãpa maar ook de intentie om de handeling niet te doen is Rũpa-Kalãpa. Beide zijn namelijk aantoonbaar, aanwijsbaar, benoembaar en definieerbaar.

Voorbeeld:
Een monnik in een klooster heeft geen bezit, geen baan en geen partner want zo zijn de regels van het klooster. Maar dit zegt niet dat de monnik geen bezit, baan of partner wil hebben, wellicht heeft hij deze behoefte wel degelijk.

Hier is zowel de (afwezigheid) van de handeling als de intentie daartoe Rũpa-Kalãpa en een vorm van spirituele correctheid. De handeling is correct, de achterliggende intentie niet.

natuurlijke onthouding (sampattavirati)

Een handeling níet doen uit angst gesnapt te worden of scheef aangekeken worden door anderen.

Iemand kan wel de behoefte voelen iets te stelen uit een winkel, maar doet dit niet uit angst gepakt te worden met alle gevolgen van dien.

Ook hier is zowel de (afwezigheid) van de handeling als de intentie daartoe Rũpa-Kalãpa en een vorm van spirituele correctheid. De handeling is correct, de achterliggende intentie niet.

onthouding door uitroeiing (samucchedavirati)

Een handeling níet doen omdat je ten volle begrijpt, snapt én voelt dat dit niet juist is. Dit is de meest zuivere vorm van onthouding omdat deze voortkomt vanuit een zuivere intentie.

Hier is de (afwezigheid) van de handeling Rũpa-Kalãpa en de achterliggende intentie is Samãdhi.

Samãdhi (processen)

Rũpa-Kalãpa zijn altijd onderhevig aan Samãdhi (processen). Het is Samãdhi die alles aanstuurt en het is Samãdhi wat we observeren bij de Vipassana meditatietechniek. Samãdhi zijn alle processen waaruit alle situaties (Rũpa) voortkomen en waar alle materie (Kalãpa) aan onderhevig is. Maar welke processen zijn dat dan? Uiteindelijk zijn er slechts 3 processen, die "De 3 Grote Waarheden" worden genoemd, waar alles uit voortkomt:

  • alles is veranderlijk; dit heeft direct effect op alles wat Rũpa-Kalãpa is. Alles wat vorm is (materie en regels) verandert continu.
  • alles is afhankelijk; Dit is de reden waarom Rũpa-Kalãpa veranderlijk is, omdat het continu onder invloed staat van andere factoren, waar het zelf ook weer invloed op heeft.
  • er is geen Zelf; doordat Rũpa-Kalãpa veranderlijk én afhankelijk is, kan je niet spreken over het blijvende en individuele karakter van een vorm. Vorm heeft dus geen Zelf omdat het continu in verandering is en in onlosmakelijke samenhang staat met zijn omgeving.

Deze "3 Grote Waarheden" zijn de basis van heel veel andere processen zoals:

  • de wet van Oorzaak en Gevolg
  • het prille ontstaan van een emotie
  • de vertaling van een emotie in het fysieke lichaam
  • de energetische wisselwerking tussen 2 mensen
  • het waarnemen van iets

Daar waar Rũpa Kalãpa aantoonbaar, aanwijsbaar, benoembaar en definieerbaar is, is Samãdhi dat niet.

de 5 Khanda's

De mens in zijn geheel is Rũpa-Kalãpa en ook wij zijn onderhevig aan veranderlijkheid, afhankelijkheid en alle daaruit voortkomende processen. Verder is de mens op verschillende manier op te delen, en binnen het boeddhisme is de opdeling in de 5 khanda's de belangrijkste (Pali-canon: Mahã-Tanhãsankhaya-Sutta, MN 38, i 261, 15). 4 van de 5 Khanda's zijn in principe Samãdhi, maar zolang de mens ze ziet en gebruikt als Rũpa-Kalãpa is het vorm. Dit is dan dé belangrijkste veroorzaker waardoor de mens vast blijft zitten in het wiel van wedergeboorte.

De 5 Khanda's zijn:

  • rũpa: materie of fysieke vorm
  • vedanã: gewaarwording
  • sañña: cognitie
  • sankhara: conditioneringen/drijfveren
  • viññana: perceptueel bewustzijn

Rũpa

Daar waar Rũpa, geheel vanzelfsprekend, Rũpa-Kalãpa is en blijft, zijn de overige 4 Khanda's processen. Het 'probleem' is echter dat we deze 4 processen heel vaak zien en gebruiken als zijnde vorm (Rũpa-Kalãpa).

vedanã (gewaarwording)

Vedanã is de interpretatie nadat het bewustzijn een contact heeft gemaakt tussen de persoon en zijn situatie. Er zijn 3 soorten vedanã's: aangenaam, onaangenaam en neutraal en dit worden de gevoelskwaliteiten genoemd die alle psychische processen begeleiden. Alleen de neutrale gewaarwording is een proces. Zodra we het als aangenaam of onaangenaam interpreteren maken we er (letterlijk) een ding (Rũpa-Kalãpa) van.

Sañña (cognitie)

Daar waar bij vedanã de dualiteit begint, daar begint bij sañña de conceptvorming (vorm). We zien dingen als man, geel, mooi, groot of lastig en zien niet meer de onderlinge afhankelijkheid. Sañña omvat alle cognitieve processen van voorstelling, geheugen, fantasie, denken, informatieverwerking en verwerking van zintuiglijke prikkels. Sañña verwerkt de informatie die door viññana gegeven is en alleen als we deze informatie neutraal bekijken: "het is wat het is", blijft het een proces.

Sankhara: conditioneringen/drijfveren

De drijfveren bestaan uit de factoren die ons activeren en dat zijn conditioneringen, reflexen en compassie. Alleen de compassie is een proces, al het andere is Rũpa-Kalãpa.

Viññana: perceptueel bewustzijn

Perceptueel bewustzijn bestaat uit het bewust worden van dat wat zintuiglijk (oog, oor, neus, tong, tastzin, gevoel) waargenomen wordt. Het bewustwordingsmoment is dus perceptueel bewustzijn. Vervolgens gaat sañña deze informatie verwerken en en maakt er concepten van waaruit sankhara kan gaan ontstaan (negatief karma) of kan worden verwijderd (positief karma). Het bewustwordingsmoment levert een bewustwordingsproces op dat kan bijdragen aan het oplossen van sankhara en daarmee het oplossen van negatief karma. Pas als inzicht (pañña) verkregen is en de beperkende conditioneringen zijn weggehaald zal er meer ruimte ontstaan, een breder kader om naar te kijken en te ervaren.

Spirituele Maakbaarheid

Maakbaarheid (de mate waarin iets gerealiseerd kan worden) is prima zolang het binnen het kader van Rũpa-Kalãpa valt. Maar een proces is niet maakbaar en niet stuurbaar en dat moeten we dus ook niet gaan proberen. Zodra we Samãdhi tot Rũpa-Kalãpa maken zijn we bezig met spirituele maakbaarheid. Doen we dat, dan zullen we onherroepelijk lijden gaan ervaren omdat we merken dat datgene (een proces) we maakbaar proberen te maken, niet maakbaar gemaakt kan worden. Teleurstelling, verdriet en pijn ligt dan op de loer.

Pañña

Spirituele maakbaarheid doet snel zijn intrede zodra Samãdhi niet ten volle wordt begrepen. Het werkelijk inzien, begrijpen en snappen (Pañña) van Samãdhi is uitermate belangrijk en verkrijg je middels meditatie. Er zijn 3 stadia van Pañña:

Pañña is wijsheid en wijsheid verkrijg je altijd indirect als de som van 3 aparte delen:

Kennis/mentaal + Ervaring/gevoel + Intuïtie = Wijsheid (Pañña)

In de Dharma wordt het als volgt omschreven:

Suta-mayã pañña

Dit is wijsheid dat niet vanuit onszelf komt maar van een ander. Middels boeken of filmpjes, een lezing of een voordracht komt de Pañña op rationeel niveau binnen middels de zintuigen. Als we deze Pañña om welke reden dan ook overnemen is dit ontvangende wijsheid. Alle wijsheid begint bij Suta-mayã pañña, je moet het eerst zintuiglijk tot je krijgen voordat je er iets mee kunt doen. Of Suta-mayã pañña zich verder ontwikkelt tot Cintã-mayã pañña hangt helemaal van de persoon af. Zo selecteren wij mentaal de gehele dag door informatie die tot ons komt en soms doen we er iets mee en soms niet.

Cintã-mayã pañña

Cintã-mayã pañña kan pas ontstaan nadat Suta-mayã pañña heeft plaatsgevonden. De ontvangende wijsheid heeft op rationeel niveau herkenning en erkenning genoten. Rationeel klopt het en daarom gaan we er een verwantschap op gevoelsmatig niveau mee aan. Zodoende wordt de wijsheid gevoelsmatig. Cintã-mayã pañña beslaat ons gevoelscentrum en is per definitie gekoppeld aan ons Ego. De ontvangende wijsheden gaan we dan ook gebruiken op ons zelf, op ons ego. Dit is niet zozeer een spiritueel als meer een sociaal proces. De veranderingen die wij ervaren zullen dan ook gedragsveranderingen zijn en verandering van visie. Dit kan grote vormen aannemen maar zal altijd gericht zijn op tastbare dingen. We gaan dingen anders doen zoals werk, relaties, hobby's, inrichting, meer milieubewust of iemand wordt vegetariër. Deze veranderingen zijn tastbaar en benoembaar. Wat echter hetzelfde blijft zijn alle interne processen van begeerte en aversie en alles wat dit teweegbrengt in ons.

Bhãvanã-mayã pañña

Dit is de wijsheid die vanuit onszelf ontstaat en vindt altijd plaats ná Suta-mayã pañña en Cintã-mayã pañña, Doordat we de ontvangende wijsheid op onszelf gaan toetsen en testen ervaren we de positieve uitwerking ervan en dat bij herhaling. We gaan rode lijnen herkennen, vergelijkingen trekken en zodoende komen we tot bepaalde inzichten die exact hetzelfde zijn als de informatie die we kregen bij Suta-mayã pañña. Het grote verschil is dat het bij Suta-mayã pañña wijsheid was die niet van onszelf was en nu wel. Cintã-mayã pañña heeft laten zien dat de ontvangende wijsheid klopt. Dit is wijsheid op spiritueel niveau en minder op aards niveau. De veranderingen die nu optreden zijn spiritueel van aard en zijn altijd gericht op processen en zijn niet of moeilijk tastbaar te maken.

Alleen Bhãvanã-mayã-pañña is Samãdhi. Zolang een inzicht of wijsheid Sutã-mayã-pañña of Cintã-mayã pañña blijft, begrijpen we het niet ten volle en maken we er een ding van of koppelen we het aan ons ego. Zodoende maken we van een Samãdhi een Rũpa-Kalãpa.