Yasodhara: verschil tussen versies

3 bytes toegevoegd ,  24 mei 2025 09:55
Geen bewerkingssamenvatting
Regel 16: Regel 16:
==Moederschap en de Grote Verzaking==
==Moederschap en de Grote Verzaking==


Op 29-jarige leeftijd beviel Yaśodharā van hun enige kind, een zoon genaamd Rāhula (Pali: Rāhula; Sanskriet: Rāhulabhadra), wat “keten” of “belemmering” betekent – een naam die symbolisch verwijst naar de band die Siddhārtha aan het wereldlijke leven bond. De geboorte van Rāhula vond plaats kort voor Siddhārtha’s beslissing om het paleis te verlaten, een gebeurtenis die bekendstaat als de Grote Verzaking (ca. 534 v.Chr. of ca. 451 v.Chr.).
Op 29-jarige leeftijd beviel Yaśodharā van hun enige kind, een zoon genaamd Rāhula (Pali: Rāhula; Sanskriet: Rāhulabhadra), wat “keten” of “belemmering” betekent – een naam die symbolisch verwijst naar de band die Siddhārtha aan het wereldlijke leven bond. De geboorte van [[Rahula]] vond plaats kort voor Siddhārtha’s beslissing om het paleis te verlaten, een gebeurtenis die bekendstaat als de Grote Verzaking (ca. 534 v.Chr. of ca. 451 v.Chr.).


Volgens boeddhistische overleveringen verliet Siddhārtha het paleis in de nacht dat Rāhula werd geboren, na het zien van de “vier gezichten” (een zieke man, een oude man, een dode man en een asceet), die hem deden beseffen dat het leven vol lijden was. De legende vertelt dat Siddhārtha zijn slapende vrouw en pasgeboren zoon bekeek voordat hij vertrok, maar ervoor koos hen niet te wekken om de pijn van het afscheid te vermijden. Dit moment is een van de meest aangrijpende in de boeddhistische traditie en benadrukt de persoonlijke opoffering van Siddhārtha, maar ook de emotionele impact op Yaśodharā.
Volgens boeddhistische overleveringen verliet Siddhārtha het paleis in de nacht dat Rāhula werd geboren, na het zien van de “vier gezichten” (een zieke man, een oude man, een dode man en een asceet), die hem deden beseffen dat het leven vol lijden was. De legende vertelt dat Siddhārtha zijn slapende vrouw en pasgeboren zoon bekeek voordat hij vertrok, maar ervoor koos hen niet te wekken om de pijn van het afscheid te vermijden. Dit moment is een van de meest aangrijpende in de boeddhistische traditie en benadrukt de persoonlijke opoffering van Siddhārtha, maar ook de emotionele impact op Yaśodharā.