5.762
bewerkingen
|
Dharma-Lotus is een boeddhistische organisatie met 6 vestigingen in Nederland en een | retraitecentrum (Ekãyano) in Noord-Frankrijk |
|
Label: Ongedaan gemaakt |
|||
| Regel 11: | Regel 11: | ||
==Siddharta Gautama== | ==Siddharta Gautama== | ||
De Sakya-clan was een samenwerkingsverband van verschillende nederzettingen, waarvan Kapilavastu het bestuurs- en handelscentrum was. In de tijd dat Siddhartha werd geboren, telde deze stad ongeveer 8.000 inwoners, en de hele clan had ongeveer 180.000 inwoners. Siddhartha's vader, Suddhodana, was dus geen grote en rijke koning met paleizen en veel bedienden, zoals soms wordt gesuggereerd. In meerdere biografieën van de Boeddha wordt vermeld dat hij de zoon van een koning was, maar dit is onjuist. De Sakya-clan was een republiek en maakte deel uit van een koninkrijk. Ze hadden een eigen raadsvergadering en de leden kozen democratisch een radja uit hun midden, en dat was Suddhodana, de vader van Siddhartha. | |||
Suddhodana was met | Suddhodana was getrouwd met twee zussen, die ook zijn nichten waren, en ze kwamen uit Devadaha (Sakiya-clan). Mãyã Mahamãyã was de oudste zus en tevens zijn eerste vrouw, en zij was de moeder van Siddhartha. Pajãpati (Mahapajãpati, Gotami) was zijn tweede vrouw, die twee kinderen ter wereld bracht, namelijk zoon Nanda en dochter Sundarinandã. In die tijd was het gebruikelijk dat een vrouw beviel in het huis van haar ouders, dus Mãyã vertrok hoogzwanger naar Devadaha. Ze is echter nooit aangekomen, omdat haar vliezen halverwege de reis braken en ze net buiten Lumbini beviel. We kunnen aannemen dat ze niet alleen de meerdaagse reis van Kapilavastu naar Devadaha heeft gemaakt. Het is logisch dat ze samen met hun gevolg deze reis hebben ondernomen, aangezien haar zus ook hoogzwanger was en naar haar ouderlijk huis moest reizen. Het is onduidelijk of er ook een vroedvrouw in hun gevolg aanwezig was, maar het is bekend dat de bevalling zeer zwaar was en dat Mãyã direct na de bevalling terugkeerde naar Kapilavastu.. | ||
===jeugdjaren=== | ===jeugdjaren=== | ||
[[File:SriLanka BuddhistStatue (pixinn.net).jpg|thumb|Boeddhabeeld uit Sri-Lanka]] | [[File:SriLanka BuddhistStatue (pixinn.net).jpg|thumb|Boeddhabeeld uit Sri-Lanka]] | ||
Na zijn terugkeer thuis voorspelde priester Asita Kaladevela als eerste een bijzondere toekomst voor het pasgeboren kind, dat toen drie dagen oud was. Volgens de legende kreeg Asita tranen in zijn ogen toen hij het kind zag, omdat hij wist dat het zou uitgroeien tot een bijzondere spirituele leraar. Hij besefte echter ook dat hij niet lang genoeg zou leven om de lessen van het kind te kunnen volgen. Hoewel Asita wist dat Siddhartha een groot spiritueel leraar zou worden, vertelde hij aan zijn vader dat de jongen een groot leider zou worden, zowel op aards als spiritueel niveau. Twee dagen later voerden acht brahmaanse priesters de naamgevingsceremonie uit, waarbij de jongste van hen, Kondañña genaamd, dertig jaar later een van Boeddha's vaste volgelingen zou worden. Op de zesde dag na de geboorte, een dag na de ceremonie, stierf Mãyã en Siddhartha werd verder opgevoed door zijn tante Pajãpati, die zojuist een zoon genaamd Nanda had gekregen. | |||
De eerste keer dat Siddhartha | De eerste keer dat Siddhartha in aanraking kwam met meditatie was toen hij negen jaar oud was. Samen met enkele vrienden mocht hij getuige zijn van de ceremoniële eerste ploeging van het jaar, uitgevoerd door de radja. Deze ceremonie was bedoeld om een goede en rijke oogst te waarborgen. De plechtigheid waar Siddhartha ook aanwezig moest zijn, omvatte het voorlezen van vedische geschriften. De jongen wist uit eerdere keren dat dit een langdurige plechtigheid was en vroeg zijn moeder waarom dit nodig was. Zij antwoordde dat de vedische geschriften heilig waren en door de schepper zelf aan de brahmaanse priesters waren overgedragen. Op zijn vraag waarom zijn vader de geschriften niet voorlas, legde ze uit dat alleen degenen die in de brahmaanse kaste waren geboren de geschriften mochten reciteren. Zelfs machtige koningen moesten voor priesterlijke taken een beroep doen op de diensten van de brahmanen. | ||
De jongen | De jongen slaagde erin vrij te krijgen en ging op een afstand naar het ploegen kijken. Siddhartha zag hoe de ploeg door de aarde sneed en strakke voren trok. Hij merkte echter ook op hoe wormen en ander bodemleven doormidden werden gesneden en kronkelend achterbleven, en hoe deze wezens werden opgepikt door kleine vogels. Hij zag ook hoe een grote roofvogel een klein musje uit de lucht greep, net nadat het een worm had opgepikt. Vervolgens ging hij onder de schaduw van een djamboeboom zitten, kruiste zijn benen en raakte als vanzelf in een meditatieve staat. Hij aanschouwde de ploeg, het bodemleven, de mus en de roofvogel en merkte op dat hij, als gevolg van de brandende zon, in de schaduw was gaan zitten. Toen hij uit zijn meditatie ontwaakte, zei hij tegen zijn moeder: "Moeder, de wormen en vogels hebben er niets aan dat wij de geschriften reciteren." | ||
==puberjaren== | ==puberjaren== | ||