6 paramitas
De Boeddhistische opsommingen
In de boeddhistische filosofie (de Dharma) komen veel opsommingen voor, zoals de 4 edele waarheden of de 3 bronnen van lijden. In de tijd van Gautama de Boeddha (ca. 563–483 v.Chr.) was bijna iedereen analfabeet; deze lijsten maakten de leer makkelijker uit te leggen en te onthouden.
De kern van de filosofie is door de eeuwen heen nauwelijks veranderd, en deze opsommingen vormen nog steeds de structuur (“kapstok”) van de leer. In lessen en lezingen wordt er vaak naar verwezen. Op deze wiki vind je een aparte categorie met de meest voorkomende opsommingen. Een voorbeeld daarvan is de onderstaande...
De 6 paramitas
Pāramitā (Sanskriet) of Parami (Pāli): "Perfectie" is een term die binnen het mahayana boeddhisme wordt gebruikt om de perfectie van oefeningen te beschrijven. Deze oefeningen worden door Bodhisattvas gedaan om van Samsara naar Nirvana (verlichting) te komen.
In het Mahayana boeddhisme worden er 6 paramitas gebruikt:
- Dana paramita: gulheid, zichzelf geven aan anderen
- Sila paramita : deugd, moraal, juist gedrag
- Prajna paramita : transcendentale wijsheid, inzicht
- Ksanti paramita : geduld, tolerantie
- Virya paramita : energie, ijver
- Dhyana paramita : eenpuntige concentratie, overdenken
Volledig artikel
Op deze site staat ook een volledig artikel over de Paramitas.
Uitleg op film